Debat ‘Onroerend landschap – de waarde van groen in tijden van stedelijke verdichting’

evenement in het kader van de Landschapstriënnale, 25 september 2017

Start: 25 september 2017

De bouwproductie draait weer op volle toeren; de heipalen zijn niet meer aan te slepen. Er moeten weer grote aantallen woningen gebouwd en infrastructuur worden aangelegd. Hoe we land moeten bebouwen weten we in Nederland als geen ander. Maar kunnen we in deze volgende verdichtingsgolf ook zorgen voor de nodige verdunning, of blijft ‘rood’ voor eeuwig ‘rood’? (Hoog-)stedelijke ontwikkeling is het (financieel) hoogst haalbare en vaak ultieme eindstadium van een perceel. Maar wat als dit eindstadium niet meer succesvol is?

Er zijn in Nederland tal van verouderde bedrijventerreinen, glastuinbouwgebieden zonder toekomst, boerenerven met niet langer gebruikte opstallen. Kunnen we daar waar financieel niet langer rendabele gebouwde structuren geen toekomst meer hebben, landschap terugbrengen?

Dat onze landschappen en groenstructuren bijdragen aan een goed leef- en vestigingsklimaat is bekend. Mensen die dichtbij groenstructuren wonen of werken zijn minder vaak ziek en geven aan gelukkiger te zijn. Daarnaast zorgt groen voor zuurstof, helpt extreme temperaturen te temperen en is ze hard nodig bij het klimaatadaptief maken van onze leefomgeving en het in stand houden van de zo hard teruglopende biodiversiteit. Waarom blijft groen dan toch vaak een financiële sluitpost in gebiedsontwikkelingen? Waarom is de grondprijs van bouwgrond tientallen malen hoger dan die van landschap? En dit terwijl een volgende verdichtingsgolf van onze steden juist schreeuwt om uitloopgebieden, recreatielandschappen en klimaatbuffers.

Moeten we niet toe naar een andersoortig systeem als het gaat om grondwaarden? Een systeem waarin stedelijkheid niet meer de laatste fase is in de grondontwikkeling maar slechts een van de stadia in de transformatiecyclus. En kunnen we dan vastgoed ondanks restwaarden toch afbreken ten behoeve van (productief, recreatief of ecologisch) landschap?

Op 25 september werd er in het kader van de Landschapstriennale het debat gevoerd over hoe de ruimtelijke en maatschappelijke waarde van landschap anders kan worden bekeken en berekend. Onder de leiding van Paul Gerretsen (Vereniging Deltametropool/BNA Onderzoek) gingen experts uit verschillende relevante vakgebieden met elkaar in gesprek. Philomene van der Vliet (BOOM Landscape) stelde in haar inleiding de vragen voor deze avond en illustreerde twee voorbeeldcasussen: De groene scheggen van Amsterdam en de glastuinbouwgebieden in de Haarlemmermeer.
In een vraaggesprek met Pieter Klomp (adjunct-directeur Ruimte en Duurzaamheid gemeente Amsterdam) en Michiel Ruis (directeur van de gemeente Haarlemmermeer) kregen de gemeenten de kans te vertellen wat zij al doen op gebied van rood-groen-balans, en hoe zij toekomstige samenwerking voor zich zien. Daan Groot (De Natuurverdubbelaars) liet zien dat je de economische waarde van landschappen kunt berekenen door goed te kijken naar kansen in het gebied en vragen die vanuit de markt zouden kunnen komen. Marjolein Dieperink (Houthoff Buruma en VU Amsterdam) vertelde over het instrument van de Verhandelbare Ontwikkelingsrechten en hoe hier in de VS mee wordt gewerkt. Het instrument biedt handvatten om ontwikkelingen af te romen en om te investeren in landschap, maar dan wel binnen heldere kaders. 
Tijdens het aansluitende debat, waar naast de sprekers ook Hilde Blank (lid O-team, directeur BVR adviseurs en directeur AM Concepts), Henk de Ruiter (programma Ruimte Greenport Aalsmeer) en Jan Spijkerboer (senior adviseur gebiedsontwikkeling bij Kadaster) bij aansloten, werd uitgebreid gesproken over de noodzaak iets vaker en beter te gaan verevenen tussen de rode en de groene ontwikkelingen, en daarbij verder te kijken dan de eigen gemeentegrenzen.
Een van de belangrijkste conclusies was dan ook de roep om een samenhangend landschappelijk casco op het hogere schaalniveau, dat dan op de lagere schaalniveaus ingevuld kan worden. Daarnaast werd onderschreven dat er ook naar de financiële spreadsheets gekeken moet worden, zo dat de waarde van de landschappen goed onderbouwd is.

Zie ook de presentaties van Daan Groot en Marjolein Dieperink in de downloads hier naast.

 

 

Gerelateerd aan dit onderwerp

Inloggen op BNA

(Sluiten)